|
Wist je dat er twee hemelpoorten zijn? Laatst was ik er, voor de linkerpoort stond een lange rij mannen te wachten.
Ik vroeg: Waarom staan jullie hier? Een man zei: "Hier staan alle mannen die onder de plak van hun vrouw zitten." Voor de rechterpoort zag ik een man staan, helemaal alleen.
Ik liep naar hem toe en vroeg: "Waarom sta je hier?" Hij antwoordde: "Mijn vrouw zei dat ik hier moest gaan staan."
|
Een euro ontmoet een vijftig euro biljet, en zegt: "Hoi, waar ben jij allemaal geweest? Ik heb je tijden niet gezien hier." Het biljet antwoordt: "Ik ben in casino’s geweest, op een cruiseschip, bij een paar voetbalwedstrijden. Lekker afwisselend." De munt antwoordt zuchtend: "Tsja, en raad eens waar ik ben geweest… Collectezak, kerk, collectezak, kerk…
|
Drie dominees bespreken de overlast van vleermuizen in hun kerken. "Ik heb alles geprobeerd, herrie, katten, gif spuiten, maar ze zijn niet weg te krijgen." De tweede beaamt dit. "Ik ook. We hebben ze zelfs proberen uit te roken, maar zonder succes." Zegt de derde triomfantelijk: "Ik ben ze kwijt! Ik heb ze gedoopt en lid van de kerk gemaakt – daarna heb ik ze nooit meer gezien!"
|
|
Meneer Janssen ging biechten.
"Wat is uw probleem?" vroeg de kapelaan.
"Nou, tijdens de oorlog heb ik een onderduiker op mijn zolder genomen."
"Dat is toch geen zonde?"
"Nou ja, ik vroeg er ook nog huur voor..."
Zegt de kapelaan: "Ik vind dat dat wel door de beugel kan, want u liep zelf ook gevaar."
"Nou, dan ga ik maar naar huis. O ja, nog een vraag: moet ik de man vertellen dat de oorlog voorbij is?"
|
Een vrouw nodigde mensen uit voor het avondeten. Aan tafel vraagt ze haar zesjarige dochtertje: "Wil jij bidden voor het eten?" Het meisje antwoordt: "Maar mama, ik weet niet wat ik moet zeggen!" "Zeg maar gewoon wat je mama hebt horen zeggen." Daarop buigt het kind haar hoofd en zegt: "O God, waarom heb ik al die mensen eigenlijk uitgenodigd?"
|
Twee jongens zitten op het schoolplein. Vraagt de een: "Geloof jij in God?' Zegt de ander: "Nog wel." "Hoezo, nog wel?" vraagt de eerste. "Nou, als ik zestien ben en ik geloof nog, dan krijg ik een brommer van mijn ouders."
|
|
In een klein dorpje in het noorden van het land zijn twee kerken waarvan de pastoor en de dominee al jaren in onmin met elkaar leven. Op het jaarlijks feest in het dorpshuis lopen ze elkaar tegen het lijf in de smalle gang. De pastoor zegt: "Ik ga niet opzij voor een farizeër". De dominee doet een stap opzij en zegt: "Ik wel".
|
Een Zwitserse christen vraagt een nederlandse christen: "Hoe komt het toch dat Nederland zo vlak is?" De Nederlander: "O, dat komt door ons grote geloof. We hebben alle bergen verzet zoals in Mattheüs 17:20 staat!"
|
Dat Eva door God een hulp voor Adam wordt genoemd, maakt duidelijk wie van die twee het meest hulpbehoevend is.
Waarom schiep God eerst de man en daarna de vrouw?
Antwoord:
Omdat je gewoonlijk eerst een schets maakt en dan pas je meesterwerk.
|